Afgelopen week las ik deze column van Renske op NRCnext.nl: over de lullige klusjes in het leven die ze al dan niet vakkundig negeert. De klusjes die – zoals ze zelf schrijft – het leven een stuk aangenamer maken als je ze gewoon even regelt. De klusjes in de categorie ‘kleine-moeite-groot-plezier’ en/of ‘oh-ja-dat-moet-ik-ooit-nog-eens-doen-maar-nu-even-niet’. Iedereen heeft wel eens dit soort taken ergens in z’n achterhoofd zitten. Zolang het er niet teveel zijn, hoef je er niet eens echt last van te hebben. Als ze continu in je hoofd rondspoken, dan zou je ze op een lijstje ‘Ooit/misschien’ kunnen zetten, zodat ze niet iedere keer door je hoofd schieten.

Maar wat als die lullige klusjes eigenlijk belangrijke zaken betreffen? Wat als het gaat om het bijwerken van dossiers van patiënten? Of het aanvragen van die ene belangrijke subsidie die nodig is om dat baanbrekende onderzoek te kunnen doen? Of het indienen van de belastingaangifte? Dan krijg je pas écht last van de gevoerde struisvogelpolitiek; de ogen ervoor sluiten helpt dan niet.

Wat helpt wél?

Erkennen. En herkennen. Wat zijn de zaken die jij steeds voor je uitschuift? Die je angstvallig wegstopt in de hoop dat ze verdwijnen of vanzelf oplossen? Maak er een lijstje van. Zie het onder ogen. Sla jezelf niet voor je hoofd, maar erken het en neem je vervolgens voor om de volgende stap te zetten.

Welke van die zaken zijn ook écht belangrijk? Als je al die tijd hebt overleefd zonder een kurkentrekker in huis, hoef je niet nú naar de winkel te rennen om er een te kopen. Maar je administratie ordenen, zodat je weet van welke debiteuren je nog geld krijgt en waar je achteraan moet, is misschien toch een stuk belangrijker!

Wat is vervolgens het allereerste en allerkleinste stapje dat je kunt zetten in de goede richting? Dit antwoord is belangrijk, want dat is het stapje dat je in beweging gaat brengen. Er is een eenvoudige techniek voor om je bij die allereerste ‘ToDo’ te brengen. Vraag je je bij de taak op je lijst af: wat moet ik hiervoor dóen? Deze vraag stel je jezelf opnieuw bij ieder antwoord, net zo lang totdat je bij een antwoord komt dat te simpel is voor woorden. Nét daarvoor heb je je allereerste stap gevonden.

Een voorbeeld. Ik heb een brief gekregen over de APK-keuring van de auto. Wat moet ik ermee doen?

Mijn auto moet APK-gekeurd worden.

Wat moet ik hiervoor doen?

Ik moet een afspraak maken met de garage.

Wat moet ik hiervoor doen?

Ik moet weten wanneer ik de auto een dag kan missen.

Wat moet ik hiervoor doen?

Ik moet daarvoor in mijn werkagenda en privéagenda kijken.

Wat moet ik hiervoor doen?

Mijn Google Calendar en mijn werkagenda naast elkaar openen.

Wat moet ik hiervoor doen?

De PC opstarten.

Die laatste stap is een erg open deur, maar de stap daarvóór is de allereerste en allerkleinste stap die ik kan zetten. En dat is wat er op mijn ToDo-lijst komt te staan. Daarmee is het nog niet gedaan, maar een klein taakje die ik nagenoeg met ogen dicht kan doen, is een stuk minder uitstelgevoelig als ‘De APK van de auto regelen’. En daarmee vergroot ik de kans dat er beweging komt in de zaak.

Heb jij een tip om uitstelgedrag aan te pakken? Zet ‘m in de reacties!

Over uitstelgedrag: hoe krijg je beweging in de zaak?
Tagged on:     

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *