Routines

Het is makkelijker om iets iedere dag doen, of op vaste tijden, dan af en toe… Iedere ochtend en avond je tanden poetsen is beter vol te houden dan wanneer-je-er-aan-denkt. Iedere dag een blogpost is beter vol te houden dan zo nu en dan (en je af te vragen: ‘wanneer had ik nou voor het laatst iets gepost?’).

Iedere dag zijn er nieuwe gedachten, hersenspinsels, verrassingen en invallen die gedeeld kunnen worden. En het is makkelijker om daar dezelfde dag iets mee te doen, dan het te bewaren voor ‘als ik tijd heb’. Dat is de kracht van routines. Goede gewoontes.

Wat zit er in jouw routine?

Heb jij de tijd?

They say that time changes things, but you actually have to change them yourself ~ Andy Warhol

Je hoort het zo vaak zeggen: ‘Ik wou dat ik meer tijd had’. Heb je er te weinig van. Of te veel te doen? Tijd voor een simpel rekensommetje.

Er zitten 168 uur in een week. Dat is voor iedereen gelijk. Van die zee van tijd gaat er nog heel wat af. Slapen: 56 uur. Eten, eten voorbereiden, tafel dekken en afruimen: 21 uur. Een douche op zijn tijd is ook wel prettig, net als aankleden: 7 uur. Als je 28 uur per week werkt, en gemiddeld 3x in de week 1,5 uur reist van en naar dat werk: 32,5 uur. Sport je ook? Misschien twee keer per week: alles bij elkaar 4 uur. De boodschappen doen en het huis opruimen (en zo nu en dan schoonmaken): 7 uur. Blijft er 40,5 uur over, bijna 6 uur per dag die je – in theorie – aan andere dingen kan besteden. Waar blijft die tijd dan? Wat doe jij met jouw tijd?

Je doel bereiken door niets te doen

Wie handelt vanuit Wu Wei probeert niet. Hij denkt er niet over na. Hij doet het gewoon. En wanneer hij het doet, lijkt hij eigenlijk niet zoveel te doen van het een of ander. Maar de Dingen Worden Gedaan. ~Benjamin Hoff, Tao van Poeh

Doelen zat. Soms zijn het er veel. En ik weet niet hoe het met jou is, maar als het er echt veel zijn, ga ík krampachtig proberen te regelen dat alles gedaan wordt wat gedaan moet worden. Overzicht krijgen. Lijstjes maken. Prioriteiten stellen. Nadenken. Nog eens nadenken. En dan mezelf een schop onder m’n achterste geven, gaan doén. Ja. Zo moet dat. Dacht ik lange tijd.

Het werkt niet, volgens mij. Je raakt verlamd vanwege alles wat er op je afkomt; je hoofd loopt over van alles waar je aan moet denken van jezelf. En waar je eerste impuls kan zijn om wat aan je daadkracht te doén, jezelf in beweging te zetten, na te denken en te redeneren, zou je precies het tegenovergestelde kunnen proberen. Stilstaan. Beschouwen. Kijken naar wat er ís, in plaats wat er zou moeten. Rust voor jezelf creëren, ruimte en tijd nemen om na te denken. Lummelen. Niet 100% van de tijd productief willen zijn. Niet zoveel móeten. Wel je zinnen verzetten. Inspiratie opdoen. Je hoofd leeg maken, uitwaaien.

Dan ontstaat er pas ruimte om in beweging te komen. Uit je hoofd raken en in flow te komen. Handelen door niet te handelen. Moeiteloos doen. Innerlijk wéten wat je volgende stap is. Zonder dat je daar lijsten over hebt geraadpleegd of weloverwogen prioriteiten aan hebt toegekend. Je doel bereiken, door juist niet krampachtig te doén.

Hoeveel ruimte geef jij jezelf, om mee te bewegen met de omstandigheden? Om niet 100% productief te zijn? Om balans te krijgen tussen doen en niet doen?